Het landgoed

landgoed“De Doolhof” Zoals bij de meeste Barokke tuinen en parken is er ook op het landgoed Kernhem een doolhof aangelegd (1735). De doolhof is aangelegd op het zogeheten s’Gravenbergje.

De Doolhoflaan, een sprookjesachtige beukenlaan
Het is vrijwel zeker dat dit een grafheuvel is uit de Bronsstijd (1500 v. Chr.). Volgens anderen ligt de oorsprong van deze heuvel in de prehistorie. De heuvel zou een belangrijke rol spelen bij de vereniging van de zon door de gelovigen uit de tijd.

De doolhof is aangelegd volgens een symetrisch padenpatroon, omgeven door dicht eikenhakhout. In de loop van de jaren is een groot deel van de beplanting en de paden verdwenen. In het kader van het “landgoedherstelplan” is doolhof opgeknapt en over een aantal jaren zal het opgroeiende eikenhakhout weer voor een spannend doolhof zorgen.

De vele legendes die over het landgoed de ronde doen, maken het bosgedeelte ook nu nog geheimzinnig. Zo zou er regelmatig een spook opduiken. Het “Witte Wief” zou een knappe jonkvrouw zijn, die door haar stoere ridder in de steek werd gelaten en nu nog steeds treurend wacht op zijn terugkeer. Van

De bloedsteen bij de ingang van het Doolhof
de op de doolhof- laan liggende “bloedsteen” gaat de legende dat als men er bij volle maan met een speld inprikt bloed uit de steen komt stromen. Dit omdat de steen in vroeger tijden zou zijn gebruikt als offersteen.

De Doolhoflaan
Rond Kernhem zijn in de periode 1730-1735 een aantal lanen aangelegd in de Barok stijl. De lanen behoren daarmee tot de oudste in Nederland. De doolhoflaan is de belangrijkste laan van het landgoed. De laan verbond het kasteel in oostelijke richting over een lengte van 1750 meter met de doohof in het Edese bos en in westelijke richting over een lengte van 1250 meter met het houtwallenlandschap. De laanbeplanting bestaat voornamelijk uit beuken. De laan is in gedeelten aangepland, voor een groot deel met dubbele rijen bomen aan beide zijden.
De meeste laanbomen zijn meer dan 260 jaar oud en enkele exemplaren zijn al behoorlijk afgetakeld. De oude eiken en beuken zijn van onschatbare waarde voor vleermuizen. Het belang van het landgoed Kernhem voor vleermuizen is één van de kwaliteiten van het landgoed. Op het landgoed komen 7 verschillende soorten vleermuizen voor, waarvan de Rosse Vleermuis als sinds 1958 wordt bestudeerd. Een aantal soorten vleermuizen gebruikt de holle bomen om in te slapen of hun jongen in groot te brengen. Verder is de Doolhoflaan een belangrijke “vliegroute” tussen het landgoed en het Edese Bos. Met behulp van een natuurlijk sonarsysteem kunnen de vleermuizen zich in het donker oriënteren van, of op weg naar hun jachtgebied.
Alle in Nederland voorkomende vleermuizen zijn sinds 1973 wettelijk beschermt. Vanwege de grote waarden van de lanen voor vleermuizen en hun gevoeligheid voor verstoring heeft de gemeente Ede in 1978 enkele lanen op het landgoed Kernhem aangewezen als “Vleermuisreservaat”.
Oude en minder vitale bomen worden zolang mogelijk gehandhaafd.

Ook afgestorven bomen blijven staan, nadat de kroontakken zijn verwijderd. Door borden aan de ingang van de vleermuis-reservaten worden wandelaars gewezen op het eventuele gevaar van vallende takken.
Door herstel van oude en aanplant van nieuwe lanen wordt de lanenstructuur op het landgoed versterkt. Dit is niet alleen gunstig voor vleermuizen maar ook voor vogels en andere dieren.